In mijn vorige blog heb ik je meegenomen naar mijn eerste ervaringen met boksen. Boksen heeft me  op een bepaalde manier mijn vrijheid terug gegeven. Ja echt! Ik heb niet alleen nu een aantal keer in de week een “nothing-box” moment (heb je het filmpje in mijn eerste blog bekeken? Hilarisch he, en zó waar) ik ben ook weer back in control. En oh Lord, wat was ik out of control. Misschien nog zo veel erger dan dat ik überhaupt door heb gehad.

Balans
Als ik zeg dat ik “back in control” ben bedoel ik niet volledig in control hoor, maar wellicht wat vaker in balans. Ik las en hoorde regelmatig dat je balans moet vinden in de dingen die je doet. Nou ik vertel je, balans vind je niet. Want als werkende moeder van een puber en een kleuter, als vrouw van een charismatische lieve knappe maar typische man-man, als huisvrouw, dochter, zus, vriendin, collega is het verdomde moeilijk om je balans te vinden hoor. En geloof me, ik heb gezocht: in de wasmand, onder het bed, tussen de rekeningen, tijdens een ouderavond, in mijn laptop, tussen de piepers, tussen de lakens… maar niets. Nergens lag balans op me te wachten.
Waar ik achter ben gekomen tijdens mijn zoektocht naar balans, is dat je balans wel kan creëren. Eén of meer momenten in je dag of in de week waarin je weer in balans komt met jezelf, en daardoor beter tegen het soms chaotische van het leven kan.

Ik heb die momenten tijdens het boksen. Het gaat dan heel even alleen om mij. Een geheel mij-moment waarin ik alles wat ik heb gedaan die dag én wat me de volgende dag te wachten staat even kan parkeren. Een moment van bezinning, kracht, doorzetten, focus en vrijheid… Een moment waar ik balans creëer tussen wie ik ben en de rollen die ik vervul in het leven.
Mijn advies: probeer dat soort momenten te creëeren. Momenten waarin je even terug gaat naar jezelf. Momenten van balans ja, niet streven naar 24/7 in balans zijn. Dat is echt een zo een onmogelijke opgave. Alleen al het zoeken naar dat gevoel van continue balans kan je totaal uit balans brengen. Het hoeft ook niet. Naar mijn mening komt “altijd in balans zijn” (en lees het is mijn mening, je hoeft het niet eens te zijn) een beetje saai, vlak en emotieloos over. Alsof het altijd maar prima gaat en alles altijd in evenwicht is. Even niet in balans zijn, je evenwicht verliezen, houd je scherp. Het brengt emotie, uitdagingen en onvoorspelbaarheid met zich mee. Accepteer de disbalans. Het is ok! Maar zorg er ook voor dat je weet wat je moet doen, in mijn geval boksen, om met een zekere regelmaat een balans moment te creëren waardoor je er weer tegenaan kan.

Ademhaling
Een ander aspect van back in control zijn is ademen. Ik weet niet of je het herkent, maar ik kende (en soms nog wel eens hoor) echt momenten in mijn leven dat ik vergat te ademen. Van die dagen dat je bedenkt dat je in één dag alles van je to do lijstje gaat afwerken. Zo’n dag, waarvan je zodra je opstaat al weet dat het vandaag zo een dag wordt. Aan het begin denk je nog: “YES! Ik ga dit vandaag allemaal wel even flikken. Ik zal iedereen wel even laten zien wat ik allemaal kan doen in één dag. Fantastische alles-kunner dat je er rond loopt.”
Maareh, wie is iedereen eigenlijk? Als je er namelijk goed over nadenkt heeft niemand het echt van je gevraagd of verlangd. Het lijkt wel een one-(wo)man race tegen jezelf, waar niemand bij de finishline met een bos bloemen, oorverdovend applaus en een prijs op je staat te wachten. En je weet dat, je weet dat al voordat je eraan begint. Maar rennen zal je! En winnen ook. Tijdens de race beuk je alle obstakels aan de kant en check je steeds weer een box van je lijstje af totdat de finishline in zicht is en je met je laatste krachten iedereen op tijd aan het avondeten hebt. Als dan alles achter de rug is en je in de avond op de bank ploft bedenk je dat je bent vergeten te ademen. Écht te ademen. Je bent niet voldaan, nog steeds opgejaagd en je voelt je eenzaam, want er was geen applaus.

Boksen heeft mij geleert wat het is om in ademnood te zijn en hoe er weer uit te komen. Het daagt je cardiorespiratoire gezondheid enorm uit. Met andere woorden je wordt getest op je uithoudingsvermogen. En zoals in mijn eerdere blog beschreven, heb ik tijdens de les echt weleens naar lucht gehapt. Serieus, ik dacht weleens dat iemand bewust het zuurstof uit de zaal had onttrokken. Ik ademde wel maar ik kreeg geen lucht. Iets wat ik in het dagelijks leven ook regelmatig meemaakte. Na verloop van tijd merkte ik echter dat ik mijn hart en ademhaling tussen de rondes door steeds beter onder controle kreeg. Dat geeft een kick. Je krijgt controle over je lichaam, je ademhaling, je hartslag. Wauw! Je leert echt hoe je bij een hoge hartslag en dus snelle ademhaling weer tot rust kan komen en je weer kan opladen om er tegen aan te gaan. Iets waar ik in de uren waarin ik niet boks ook heel veel aan heb. Ademen! Bewust ademen en tot rust komen.

Boksen geeft mij momenten waarin ik weer balans creëer en waarin ik voel dat ik écht kan ademen. Het heeft me geleerd dat ik geen applaus nodig heb om me gewaardeerd te voelen. Het heeft me geleerd dat ik hoe dan ook sterk ben ongeacht wat ik die dag voor elkaar heb gekregen of niet. Ik kan beter de dag accepteren zoals hij is, met alles wat er bij komt kijken. De uitdagingen, de pieken en de dalen. Want aan het eind van de dag, als het even kan, ga ik naar de boksschool en laat ik alles even gaan en kan ik er de volgende dag weer tegenaan!